HERDENKING HAÏTI

eb59e2f6-6800-4f70-98f5-3df282614c2bOp 12 januari 2010 werd Haïti getroffen door een hevige aardbeving die het door armoede geteisterde land nog verder ontwrichtte. Ruim 200.000 mensen vonden de dood en 1,5 miljoen Haïtianen werden dakloos.

Vijf jaren later is het tijd voor herdenking. De publieke omroep droeg haar steentje bij door de uitzending van de documentaire The Kids are OK op zondag 11 januari 2015, een coproductie van de NCRV en Metropolisfilm, geregisseerd door Ton Wolswijk. De documentaire staat echter niet stil bij het leed van de Haïtianen, maar van Nederlandse aspirant adoptieouders. Haïti is namelijk een niet onbelangrijk donorland van adoptiekinderen. Door de aardbeving stagneerden de adopties: de beoogde kinderen zaten vast in het rampgebied, middenin de puinhopen van zwaar beschadigde kindertehuizen, tot grote onrust van de ouders die deze kinderen graag de hunne wilden noemen. Vanuit Nederland bezien ging het hier om ongeveer 100 adopties in een meer of minder ver gevorderd stadium in de adoptieprocedure. The Kids are OK verhaalt hoe de directeur van de Nederlandse Adoptie Stichting, Macky Hupkes, besluit om het heft in eigen handen te nemen en een vliegtuig te charteren om ‘onze’ kinderen  op te halen. De documentaire vertoont tevens interviews met een viertal adoptiegezinnen die hun kinderen aan deze actie te danken hebben.

 

Win win …

The Kids are OK  blinkt uit door kritiekloosheid en een exclusieve gerichtheid op het eigen belang. Deze ‘operation babylift’ wordt voorgesteld als een moedige humanitaire reddingsactie, goed voor de kinderen, goed voor de aspirant-adoptieouders, zorgvuldig en kloek uitgevoerd door alle betrokkenen. Win win! Het idee van een brandschone actie wordt tevens non-verbaal uitgedragen door de visuele aspecten van de documentaire. Lichte tinten, grijs en  wit, domineren het beeld. Macky Hupkes draagt een smetteloos witte blouse en wordt geïnterviewd tegen een witgrijze achtergrond, evenals alle andere sprekers.  De adoptiegezinnen bevinden zich in uitzonderlijk schone en opgeruimde, lichte interieurs en dragen eveneens kleren in lichte tinten.  Alle geïnterviewden spreken opvallend langzaam, beheerst en doordacht. Geen emotie-tv hier: de uitstraling van de geïnterviewden is ronduit sereen te noemen. Het contrast met de beelden van chaos in het rampgebied die de interviews doorsnijden kon niet groter zijn. Als kijker zou je niet durven te betwijfelen dat de getransporteerde kinderen beter af zijn in Nederland.

 

Brandschoon?

Maar was deze actie wel zo clean? Macky Hupkes vertelt in een korte, maar onthullende passage dat de circa 100 kinderen in drie verschillende categorieën vielen. Groep 1 bevatte kinderen waarvoor een adoptie uitspraak was gedaan en die dus in juridische zin reeds aan Nederlandse ouders behoorden. Groep 2 bevatte kinderen die aan hun aspirant-adoptieouders waren voorgesteld, maar waar nog geen adoptie-uitspraak voor was gedaan. Groep 3 bevatte kinderen (negen in getal) waar nog geen adoptieouders voor waren gevonden. Ze gingen allemaal aan boord, terwijl in feite alleen de eerste groep kinderen de adoptieprocedure volledig had doorlopen.  Kan dat zo maar? De toenmalige minister van justitie, Ernst Hirsch Ballin, decreteerde dat dit alleen mocht wanneer de daartoe bevoegde Haïtiaanse autoriteiten toestemming zouden geven. Echter, in de nasleep van de aardbeving waren deze autoriteiten moeilijk te lokaliseren en bovendien zullen ze nog een aantal andere zaken aan hun hoofd hebben gehad. Zodoende vloog een vol vliegtuig terug naar Nederland en slaan de hoofdrolspelers zichzelf vijf jaar na dato nog eens op de borst. De enige kritische noot in deze documentaire bestaat uit een kort fragment uit  Nieuwsuur, waarin hoogleraar adoptie René Hoksbergen wordt geïnterviewd. Hoksbergen merkt op dat we van het dwangmatige idee af moeten dat beoogde adoptiekinderen het beste maar onmiddellijk verwijderd kunnen worden uit rampgebieden. Knip. Het hoe en waarom van deze terughoudendheid komt verder niet aan de orde.

 

De ramp  als excuus

Laat ik dat dan maar even toevoegen. Het is niet de eerste keer in de geschiedenis van interlandelijke adoptie dat een calamiteit wordt aangegrepen als excuus om het  minder nauw met de adoptieregelgeving te nemen, in de voortdurende worsteling om aan de stijgende vraag naar adoptiekinderen te voldoen. Het risico bestaat dat op deze manier kinderen worden meegenomen die helemaal geen wezen zijn, wiens ouders (nog) geen toestemming hebben gegeven. Kidnapping is tamelijk gemakkelijk in de chaotische situatie waarin Haïti na de beving was ondergedompeld. Een groep Amerikaanse Baptisten liep tegen de lamp, die 33 kinderen uit Haïti naar de Dominicaanse republiek probeerden te  smokkelen, van waaruit ze geadopteerd zouden kunnen worden door Amerikaanse echtparen met de juiste geloofsovertuiging. Goed bedoeld ongetwijfeld, maar het zal je kind maar wezen.

 

Bij een ramp van een dergelijke omvang past alleen  bekommernis met de vele getroffenen in het rampgebied zelf, in plaats van de myopische, duur betaalde focus op slechts 100  kinderen die toevallig aan Nederlandse ouders zijn gelieerd, op al dan niet legale wijze. Gegeven de vele adoptieschandalen die keer op keer de kop opsteken zou Nederland  zichzelf kritischer moeten bevragen als ontvangend land.

Leave a Reply

Your email address will not be published.